In je smartphone zit een vaste lens. Op een compacte camera zit een zoomlens: als je inzoomt, wordt de lens langer en kom je dichterbij, als je uitzoomt wordt de lens korter en ga je verder af. Dat fenomeen wordt optisch zoomen genoemd. Met de smartphone kan dat niet. De lens is een vaste lens en wordt niet langer of korter.

“Maar ik kan toch inzoomen met mijn smartphonecamera?!”, hoor ik je nu denken. Dat klopt. Maar dat is digitaal zoomen. En dat mag je niet meer doen. Ik toon even waarom:
Ik liep langs een school en op de gevel hingen allemaal tekeningen.

De grote afbeelding van de blonde vrouw in het midden trok me aan en dus wilde ik die groter in beeld.
Eerst zoomde ik in en kreeg ik dit beeld:

Nadien ging ik zelf gewoon dichterbij en nam ik de foto niet-ingezoomd:

Ik denk dat de beelden voor zichzelf spreken. De ingezoomde foto ziet er slecht uit, de kwaliteit is laag, je ziet de pixels met het blote oog.

Even wat groter, zodat je het verschil écht goed ziet (bovenste foto: ingezoomd, foto eronder: niet-ingezoomd maar van dichterbij genomen):

Hoe komt dit?
Een digitale foto bestaat uit een bepaald aantal pixels in de breedte en een bepaald aantal pixels in de hoogte. Pixels zijn puntjes die elk een specifieke kleur hebben. Uit hoe meer pixels de foto bestaat, hoe beter de kwaliteit er van zal zijn.
Mijn originele foto bestaat uit 3264 pixels breed en 2448 pixels hoog.
Wat gebeurt er als je digitaal inzoomt? Je gaat een bepaald stukje uit de foto opblazen. Dus je foto bestaat uit veel minder pixels, met als gevolg dat je de pixels met het blote oog gaat zien, want ze worden veel groter. Mijn ingezoomde foto bestaat eigenlijk maar uit 615 pixels breed op 461 pixels breed en dat zie je. De zwarte lijnen in de tekening zijn niet scherp meer, ze bestaan uit blokjes.
Dus je zoomt eigenlijk helemaal niet in, je vergroot gewoon een stukje uit je originele foto.

Dus: wees niet te lui en ga zelf dichterbij als je kwalitatieve foto’s wil. Zolang een smartphonecamera niet over een optische zoom beschikt, kan je niet inzoomen. Er zijn nu wel een aantal smartphones op de markt die twee lenzen hebben: een breedhoeklens en een telelens. Bij die toestellen kan je overschakelen van de ene lens naar de andere. Dus om dichterbij te gaan, wordt de telelens ingeschakeld. Zo kan je dichterbij gaan zonder aan kwaliteit in te boeten.
Wat je ook kan doen, zijn extra lenzen kopen. Er bestaan namelijk tal van smartphonelenzen op de markt. Je zou een telelens kunnen kopen die je voor je smartphonelens plaatst. Zo kan je je beeld vergroten zonder aan pixels te verliezen.

Bewaren